De cyclus uit de leerboeken duurt ongeveer 28 dagen, maar weinigen hebben er een 'als een klok'. De cycluslengte verschilt tussen vrouwen en, bij dezelfde vrouw, van maand tot maand — een zekere mate van variatie is gewoon en betekent op zich geen ziekte.
Er zijn levensfasen waarin onregelmatigheid ronduit typisch is: de eerste jaren na de eerste menstruatie (cycli kunnen er tot twee jaar over doen om zich te zetten), de tijd na een bevalling en tijdens borstvoeding, en de perimenopauze — de overgangsjaren vóór de menopauze. Het ritme van het bloedverlies verandert ook door stress, reizen, infecties (een verkoudheid), ziekte, intensieve lichamelijke inspanning, een sterk caloriebeperkt dieet — en heel vaak door hormonale anticonceptie: dan wordt het bloedverlies onregelmatig, licht, of stopt het. Gebruik je anticonceptie of andere medicijnen die de cyclus beïnvloeden, dan is een verandering in het bloedverlies allereerst een onderwerp over het medicijn — geen reden om er zelf mee te stoppen.
Wanneer is een afspraak de moeite waard? Een eenvoudige regel: wanneer iets merkbaar is veranderd ten opzichte van je eigen gebruikelijke patroon, of wanneer de onregelmatigheid je zorgen baart of je plannen doorkruist (bijvoorbeeld bij het proberen zwanger te worden). Je hoeft geen drempel te halen of iets te 'bewijzen' — vertellen hoe het was en hoe het nu is, is genoeg. Eén gegeven helpt bij de afspraak: de datum van de eerste dag van je laatste menstruatie; als je wilt, kun je ook de data van volgende bloedingen noteren.
Los van al het andere, meld aan een arts: bloedverlies tussen menstruaties door, bloedverlies na seks, elk bloedverlies na de menopauze — en blijft een menstruatie uit terwijl zwangerschap mogelijk is, doe dan eerst een zwangerschapstest.
Dringende hulp: zeer hevig bloedverlies met zwakte, duizeligheid of algeheel onwel zijn is een situatie voor dringend contact met een arts, niet voor een afspraak die pas later gepland is.
Bronnen: [1] NHS — Irregular periods; [2] NHS inform — Irregular periods.